rekenenen

Kinderen leren rekenen op vier handelingsniveaus. Dit zijn niveaus waarbinnen kinderen rekenen van informeel spelend naar formeel: de sommen.

Het eerste niveau betreft het samen spelen en dus concreet handelen in werkelijkheidssituaties.

Op het tweede niveau leren kinderen met elkaar te praten over een concrete situatie waarbij ze gebruik maken van afbeeldingen.

Bij het derde niveau redeneren kinderen meer op abstract niveau aan de hand van schematische voorstellingen (zoals een getallenlijn).

Het vierde niveau is het kunnen redeneren o.b.v. een tekst, getallen of een combinatie van beide.

Wanneer kinderen onvoldoende scoren op hun rekentoetsen, kan het zijn, dat een rekenniveau niet wordt beheerst. Er is bijvoorbeeld te weinig gewerkt met materialen bij het tellen en te snel overgegaan op het leren van sommen. Met behulp van de rekentoets RD4 wordt onderzocht welke fasen van de diverse rekenprocedures wel/niet worden beheerst.

Een goede, doorgaande rekenontwikkeling leidt tot functionele gecijferdheid waarbij gebruik wordt gemaakt van alle rekenniveaus.

Deze diagnostische rekentoets maakt het mogelijk om zowel de rekenwiskundige ontwikkeling als eventuele rekenproblemen van een leerling in kaart te brengen.